ECLI:NL:RBZWB:2025:1565

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
14 maart 2025
Publicatiedatum
18 maart 2025
Zaaknummer
C/02/425750 FA RK 24/3823
Type
Uitspraak
Uitkomst
Overig
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
  • Hopmans
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid bij ingetrokken verzoeken tot echtscheiding

De rechtbank Zeeland-West-Brabant behandelde een zaak betreffende een verzoek tot echtscheiding van beide partijen. Het verzoekschrift van de man werd op 19 augustus 2024 ingediend, gevolgd door het verweerschrift van de vrouw op 8 november 2024. Diverse formulieren en bijlagen werden in de loop van het proces ontvangen.

Op 7 februari 2025 trok de man zijn verzoek tot echtscheiding in, gevolgd door de vrouw die haar zelfstandig verzoek op 10 februari 2025 introk. Hierdoor was er geen grond meer voor de rechtbank om de verzoeken te beoordelen.

De mondelinge behandeling die gepland stond op 20 februari 2025 ging op verzoek van partijen niet door. De rechtbank besloot daarom partijen niet-ontvankelijk te verklaren in hun verzoeken tot echtscheiding en sprak dit uit in een openbare zitting op 14 maart 2025.

Uitkomst: Partijen worden niet-ontvankelijk verklaard in hun verzoeken tot echtscheiding na intrekking door beide partijen.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Team Familie- en Jeugdrecht
Middelburg
zaaknummer: C/02/425750 FA RK 24/3823
beschikking betreffende echtscheiding
in de zaak van
[de man],
wonende te [woonplaats],
hierna te noemen de man,
advocaat mr. F.C. Hoogeveen te Rotterdam,
en
[de vrouw],
wonende te [woonplaats],
hierna te noemen de vrouw,
advocaat mr. S.X. Scholten te [woonplaats].
1. Het procesverloop
1.1. Dit blijkt uit de volgende stukken:
- het op 19 augustus 2024 ontvangen verzoekschrift tot echtscheiding van mr. Hoogeveen, met bijlagen;
- het op 8 november 2024 ontvangen verweerschrift van mr. Scholten, met bijlagen;
- het op 9 januari 2025 ontvangen F9-formulier van mr. Hoogeveen, bijlagen;
- het op 10 januari 2025 ontvangen F9-formulier van mr. Scholten, met bijlage;
- het op 7 februari 2025 ontvangen F5-formulier van mr. Hoogeveen;
- het op 10 februari 2025 ontvangen F5-formulier van mr. Scholten.
1.2. De op 20 februari 2025 bepaalde mondelinge behandeling heeft op verzoek van partijen geen doorgang gevonden.

2.De beoordeling

2.1.
De man heeft bij F5-formulier van 7 februari 2025 van mr. Hoogeveen zijn verzoek ingetrokken.
2.2.
De vrouw heeft bij F5-formulier van 10 februari 2025 van mr. Scholten haar zelfstandig verzoek ingetrokken.
2.2.
Omdat zowel de man als de vrouw hun verzoek hebben ingetrokken, komt de rechtbank niet meer toe aan de beoordeling van die verzoeken. De rechtbank zal de partijen derhalve niet-ontvankelijk verklaren.

3.De beslissing

De rechtbank:
verklaart de partijen niet-ontvankelijk in hun verzoeken.
Deze beschikking is gegeven door mr. Hopmans, rechter, en in het openbaar uitgesproken op 14 maart 2025 in tegenwoordigheid van mr. Brok, griffier.