Uitspraak
1.De procedure
- de akte van Q-Park;
- de antwoordakte van [gedaagde] .
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
De zaak betreft een vordering van Q-Park Operations Netherlands B.V. tegen een consument over parkeerschadevergoeding, waarbij de kantonrechter heeft beoordeeld of meerdere bedingen uit de algemene voorwaarden van Q-Park samen oneerlijk zijn. Na een tussenvonnis en nadere stukken is geconcludeerd dat de cumulatie van de artikelen 5.6, 5.8, 7.5, 8.1 en 8.3 leidt tot een oneerlijke benadeling van de consument.
Q-Park stelde dat zij niet gelijktijdig op alle bedingen kan en dat de bedingen slechts verduidelijkend zijn, zonder dat zij daardoor meer schade kan vorderen dan daadwerkelijk is geleden. De consument betwistte de vordering en gaf aan niet bewust 'treintje te rijden' en dat betaling in één keer niet mogelijk was.
De kantonrechter oordeelde dat de mogelijkheid om alle bedingen cumulatief in te zetten het evenwicht tussen partijen ernstig verstoort, omdat dit kan leiden tot een schadevergoeding die de werkelijke schade overstijgt. Ook het recht van retentie en maatregelen zoals wielklemmen versterken deze oneerlijke situatie. De bedingen worden daarom in onderlinge samenhang vernietigd.
De vordering van Q-Park wordt afgewezen en zij wordt veroordeeld tot betaling van de proceskosten. De aangepaste algemene voorwaarden van Q-Park zijn niet relevant voor deze zaak omdat deze niet van toepassing zijn op het geschil.
Uitkomst: De vordering van Q-Park wordt afgewezen wegens oneerlijke cumulatie van bedingen in de algemene voorwaarden.