ECLI:NL:RBZWB:2024:9127

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
16 oktober 2024
Publicatiedatum
3 januari 2025
Zaaknummer
11237560 MB VERZ 24-1013
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Verwijzingen
1 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Ongegrondverklaring beroep tegen verkeersboete rijden op voetpad in Breda

Betrokkene is beboet voor het rijden op het trottoir, voetpad, fietspad of ruiterpad op de Visserstraat te Breda op 3 februari 2023. Betrokkene stelde dat hij door wegwerkzaamheden en verkeersafsluitingen genoodzaakt was deze route te nemen en dat hij niet bekend was met de locatie, waardoor hij op navigatie reed.

De officier van justitie en de kantonrechter oordeelden dat de gedraging vaststaat en dat de boete terecht is opgelegd. Betrokkene heeft onvoldoende onderbouwd dat er daadwerkelijk wegwerkzaamheden waren of dat er geen alternatieve route mogelijk was zonder de geslotenverklaring te overtreden.

De kantonrechter benadrukte dat betrokkene op de bebording had moeten letten en niet blindelings op de navigatie had mogen vertrouwen. Het beroep is daarom ongegrond verklaard en de boete blijft in stand.

Uitkomst: Het beroep tegen de verkeersboete wordt ongegrond verklaard en de boete blijft gehandhaafd.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Team strafrecht
Zittingsplaats Breda
zaaknummer : 11237560 \ MB VERZ 24-1013
CJIB-nummer : 5062 5422 5584 2312
uitspraakdatum : 16 oktober 2024
proces-verbaal van de zitting en uitspraak op een beroep op grond van de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv)
in de zaak van
naam :
[betrokkene]
adres : [adres]
woonplaats : [woonplaats]
hierna: betrokkene

Verloop van de procedure

Aan betrokkene is een administratieve sanctie (hierna: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing is door betrokkene beroep ingesteld bij de kantonrechter.
De zaak is behandeld op de zitting van 16 oktober 2024. Namens de officier van justitie is verschenen mr. A. de Vreeze (hierna: zittingsvertegenwoordiger). Betrokkene is niet verschenen. De kantonrechter heeft op de zitting uitspraak gedaan.

Standpunten

De gedraging waarvoor de boete is opgelegd luidt, kort omschreven: rijden op het trottoir, voetpad, fietspad, fiets/bromfietspad of het ruiterpad (niet de rijbaan gebruiken) op de Visserstraat ([huisnummer]) te Breda op 3 februari 2023 om 12:08 uur.
Betrokkene heeft in het beroepschrift samengevat aangevoerd dat de boete niet redelijk is gelet op de omstandigheden waaronder de gedraging heeft plaatsgevonden. Betrokkene stelt dat er op het verkeersplein Waterstraat destijds allerlei werkzaamheden waren en dat hij hierdoor de Nieuwstraat in moest rijden. Bij de event-ingang van Hotel Nassau heeft betrokkene grote en zware (niet te tillen) verlichte letters afgeleverd. Terugrijden was niet mogelijk vanwege andere afsluitingen en in verband met eenrichtingsverkeer. Hierdoor was betrokkene genoodzaakt stapvoets de Vissersstraat in te rijden. Betrokkene is ter plaatse niet bekend, vandaar dat hij op navigatie heeft gereden.
De zittingsvertegenwoordiger heeft verzocht het beroep ongegrond te verklaren en heeft daartoe aangevoerd dat het belangrijk is om op de bebording te blijven letten. Bij deze geslotenverklaring is de bebording duidelijk aanwezig en betrokkene had hiernaar moeten handelen. Betrokkene heeft ook niet onderbouwd dat er ten tijde van de gedraging sprake was van wegwerkzaamheden.

Overwegingen

De kantonrechter is van oordeel dat uit de stukken in het dossier voldoende blijkt dat de gedraging waarvoor de boete is opgelegd, is verricht. De boete is dus terecht opgelegd.
De kantonrechter ziet in wat betrokkene heeft aangevoerd ook geen reden om de boete te matigen. De kantonrechter is van oordeel dat betrokkene niet aannemelijk heeft gemaakt dat hij geen andere route had kunnen volgen zonder in strijd te handelen met de geslotenverklaring. Als sprake is van wegwerkzaamheden wordt doorgaans goed aangegeven wat de alternatieve route is. Betrokkene had niet uit mogen gaan van zijn navigatie, maar had goed op de bebording moeten letten.
Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard.

Beslissing

De kantonrechter verklaart het beroep ongegrond.
Deze uitspraak is gedaan door mr. M. Breeman, kantonrechter, bijgestaan door de griffier X.L.C.M. van Sprundel, en in het openbaar uitgesproken op 16 oktober 2024.
Als u het niet eens bent met deze beslissing, dan kunt u binnen 6 weken na de hieronder vermelde datum van verzending van deze beslissing hoger beroep instellen bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, maar alleen als:
de boete meer dan € 110,00 bedraagt, of
uw beroep niet-ontvankelijk is verklaard omdat u niet of niet op tijd zekerheid heeft gesteld.
Het beroepschrift moet worden ingediend bij Rechtbank Zeeland-West-Brabant, Team strafrecht, Postbus 90008, 4800 PA Breda. Het beroepschrift moet zijn ondertekend door degene die beroep heeft ingesteld of door de gemachtigde.
U dient daarbij het zaaknummer te vermelden.
De procedure bij het gerechtshof verloopt geheel schriftelijk, tenzij u in het beroepschrift uitdrukkelijk vraagt om een zitting waarop u uw standpunt mondeling wilt toelichten.
Datum verzending: