ECLI:NL:RBZWB:2024:8703
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- L. Weerkamp
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen WOZ-waarde woning Middelburg ongegrond verklaard
Belanghebbende is eigenaar van een hoekwoning uit 2008 in Middelburg, waarvan de WOZ-waarde per 1 januari 2022 is vastgesteld op €403.000. Tegen deze vaststelling is bezwaar gemaakt, dat door de heffingsambtenaar ongegrond is verklaard. Belanghebbende stelde dat de waarde €378.000 zou moeten zijn en voerde tevens aan dat de heffingsambtenaar niet alle gevraagde gegevens had verstrekt, in strijd met artikel 40, tweede lid, van de Wet WOZ.
De rechtbank oordeelt dat de gebruikte referentiewoningen qua ligging, bouwjaar en oppervlakte voldoende vergelijkbaar zijn en dat de heffingsambtenaar op juiste wijze rekening heeft gehouden met verschillen tussen de woningen. De rechtbank concludeert dat de WOZ-waarde niet te hoog is vastgesteld. Tevens is geoordeeld dat eventuele schending van artikel 40 Wet Pro WOZ niet tot benadeling van belanghebbende heeft geleid, aangezien de gevraagde gegevens zijn verstrekt, al dan niet in de beroepsfase.
Daarom wordt het beroep ongegrond verklaard, blijft de WOZ-waarde gehandhaafd en krijgt belanghebbende geen vergoeding van griffierecht of proceskosten. De uitspraak is gedaan door rechter L. Weerkamp op 16 december 2024 en openbaar gemaakt via rechtspraak.nl.
Uitkomst: Het beroep tegen de vastgestelde WOZ-waarde van €403.000 wordt ongegrond verklaard en de aanslag OZB blijft gehandhaafd.