ECLI:NL:RBZWB:2024:8502

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
11 december 2024
Publicatiedatum
12 december 2024
Zaaknummer
BRE 23/10945
Type
Uitspraak
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Vermindering WOZ-waarde woning na compromis tussen belanghebbende en gemeente

Belanghebbende maakte bezwaar tegen de vastgestelde WOZ-waarde van zijn woning aan een adres te Gilze en Rijen, die door de heffingsambtenaar was vastgesteld op €514.000 per 1 januari 2022. Tevens was de aanslag onroerendezaakbelastingen (OZB) voor 2023 opgelegd op basis van deze waarde. De heffingsambtenaar verklaarde het bezwaar ongegrond, waarna belanghebbende beroep instelde bij de rechtbank.

Tijdens de zitting op 30 oktober 2024 bereikten partijen een compromis waarbij de WOZ-waarde werd vastgesteld op €485.000. Partijen maakten duidelijk dat deze nieuwe waarde geen invloed heeft op de WOZ-beschikking voor 2024. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond en vernietigde de uitspraak op bezwaar, waarbij de WOZ-waarde en de OZB-aanslag dienovereenkomstig werden verminderd.

De rechtbank bepaalde tevens dat de heffingsambtenaar het griffierecht van €50 aan belanghebbende moet vergoeden, maar wees een proceskostenvergoeding af omdat belanghebbende geen kosten had gesteld die volgens het Besluit proceskosten bestuursrecht voor vergoeding in aanmerking komen. De uitspraak werd gedaan door rechter M.M. de Werd en griffier M.M. van de Langerijt-Suurmeijer op 11 december 2024 en openbaar gemaakt via rechtspraak.nl.

Uitkomst: De WOZ-waarde van de woning wordt verlaagd naar €485.000 en de aanslag OZB dienovereenkomstig verminderd.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Zittingsplaats Breda
Belastingrecht
zaaknummer: BRE 23/10945

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 11 december 2024 in de zaak tussen

[belanghebbende], uit [plaats], belanghebbende,

en

de heffingsambtenaar van de gemeente Gilze en Rijen, de heffingsambtenaar.

Inleiding

1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van belanghebbende tegen de uitspraak op bezwaar van de heffingsambtenaar van 31 oktober 2023.
1.1.
De heffingsambtenaar heeft bij beschikking van 25 februari 2023 de waarde van de onroerende zaak [adres] (de woning) op 1 januari 2022 (de waardepeildatum) vastgesteld op € 514.000. Tegelijk met deze waardevaststelling is aan belanghebbende ook de aanslag in de onroerendezaakbelastingen van de gemeente Gilze en Rijen voor het jaar 2023 opgelegd (de aanslag OZB).
1.2.
De heffingsambtenaar heeft het bezwaar van belanghebbende ongegrond verklaard.
1.3.
De heffingsambtenaar heeft op het beroep gereageerd met een verweerschrift.
1.4.
De rechtbank heeft het beroep op 30 oktober 2024 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: belanghebbende en namens de heffingsambtenaar [naam].

Overwegingen

2. Partijen hebben ter zitting bij wijze van compromis overeenstemming bereikt. Afgesproken is dat de WOZ-waarde voor het jaar 2023 wordt vastgesteld op € 485.000. Partijen hebben daarbij aangegeven dat de nu overeengekomen waarde geen betekenis heeft voor de beschikking voor het jaar 2024.
2.1.
De rechtbank zal dienovereenkomstig beslissen en het beroep gegrond verklaren. De bij beschikking vastgestelde waarde wordt daarom verlaagd en de daarmee samenhangende aanslag OZB wordt dienovereenkomstig verminderd.
2.2.
Omdat het beroep gegrond is moet de heffingsambtenaar het griffierecht aan belanghebbende vergoeden. Belanghebbende heeft geen recht op een proceskostenvergoeding. Belanghebbende heeft namelijk geen kosten gesteld die op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht voor vergoeding in aanmerking komen.

Beslissing

De rechtbank:
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt de uitspraak op bezwaar;
- vermindert de WOZ-waarde van de woning tot een bedrag van € 485.000;
- vermindert de aanslag onroerendezaakbelastingen dienovereenkomstig;
- bepaalt dat de heffingsambtenaar het griffierecht van € 50 aan belanghebbende moet vergoeden.
Deze uitspraak is gedaan door mr. drs. M.M. de Werd, rechter, in aanwezigheid van mr. M.M. van de Langerijt-Suurmeijer, griffier, op 11 december 2024 en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
griffier
rechter
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Informatie over hoger beroep

Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar het gerechtshof ‘s-Hertogenbosch waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden.
Digitaal hoger beroep instellen kan via “Formulieren en inloggen” op www.rechtspraak.nl. Hoger beroep instellen kan eventueel ook nog steeds door verzending van een brief aan het gerechtshof ‘s-Hertogenbosch (belastingkamer), Postbus 70583, 5201 CZ 's-Hertogenbosch.