ECLI:NL:RBZWB:2024:8431

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
10 december 2024
Publicatiedatum
10 december 2024
Zaaknummer
BRE 24/6128
Type
Uitspraak
Uitkomst
Niet-ontvankelijk
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 6:12 AwbArt. 6:45 AwbArt. 7:10 AwbArt. 7:13 AwbArt. 8:54 Awb
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Niet-ontvankelijkheid beroep wegens te vroege ingebrekestelling bij kinderopvangtoeslag

Eiseres heeft bezwaar gemaakt tegen de definitieve beschikking op de integrale beoordeling kinderopvangtoeslag van 26 oktober 2023. Zij stelde de Dienst Toeslagen op 30 mei 2024 in gebreke omdat er nog geen beslissing was genomen, waarna zij beroep instelde tegen het niet tijdig beslissen op haar bezwaar.

De rechtbank beoordeelt dat de beslistermijn, gezien de gebruikelijke termijn en verlenging vanwege een adviescommissie, liep tot uiterlijk 2 juli 2024. De ingebrekestelling van eiseres op 30 mei 2024 was derhalve te vroeg, omdat de beslistermijn nog niet was verstreken.

Hierdoor is het beroep niet-ontvankelijk verklaard. De rechtbank benadrukt dat dit niet betekent dat de Dienst Toeslagen niet alsnog zo spoedig mogelijk op het bezwaar moet beslissen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.

De uitspraak is gedaan zonder zitting op 10 december 2024 door de enkelvoudige kamer van de Rechtbank Zeeland-West-Brabant en openbaar gemaakt via rechtspraak.nl.

Uitkomst: Het beroep is niet-ontvankelijk verklaard wegens te vroeg ingediende ingebrekestelling.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
Bestuursrecht
zaaknummer: BRE 24/6128

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 10 december 2024 in de zaak tussen

[eiseres], uit [plaats], eiseres

(gemachtigde: mr. J.W. van de Wege),
en

Dienst Toeslagen (voorheen Belastingdienst/Toeslagen), verweerder.

Inleiding

1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep dat eiseres heeft ingesteld, omdat verweerder volgens haar niet op tijd heeft beslist op haar bezwaar van 26 februari 2024 tegen de definitieve beschikking op de integrale beoordeling kinderopvangtoeslag van 26 oktober 2023.
1.1.
Omdat het beroep kennelijk niet-ontvankelijk is doet de rechtbank uitspraak zonder zitting. Artikel 8:54 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) maakt dat mogelijk.

Beoordeling door de rechtbank

2. Als een bestuursorgaan niet op tijd beslist op een aanvraag of bezwaarschrift, kan de betrokkene daartegen in beroep gaan. Voordat hij beroep kan instellen, moet de betrokkene per brief aan het bestuursorgaan laten weten dat binnen twee weken alsnog beslist moet worden op zijn aanvraag of bezwaar (de zogenoemde ingebrekestelling). Als er na die twee weken nog steeds geen besluit is, dan kan de betrokkene beroep instellen. [1]
Is het beroep ontvankelijk?
3. Als een ingebrekestelling door betrokkene te vroeg wordt gestuurd, is het beroep niet-ontvankelijk. [2] Eiseres heeft het bezwaarschrift ingediend op 26 februari 2024 en het is op 27 februari 2024 door verweerder ontvangen. Verweerder moet binnen zes weken beslissen, gerekend vanaf het moment waarop de bezwaartermijn voorbij is
.Omdat het bezwaar buiten de bezwaartermijn is ingediend, wordt gerekend vanaf het moment dat het bezwaarschrift door verweerder is ontvangen. Omdat verweerder gebruik maakt van een adviescommissie, geldt een termijn van twaalf weken. [3] Verweerder heeft de termijn verlengd met zes weken. Verweerder had dus uiterlijk op 2 juli 2024 moeten beslissen. Eiseres heeft verweerder op 30 mei 2024 in gebreke gesteld en verweerder heeft de ingebrekestelling op 4 juni 2024 ontvangen. De ingebrekestelling is dus te vroeg ingediend. De beslistermijn was toen nog niet voorbij.

Conclusie en gevolgen

4. Het beroep is daarom niet-ontvankelijk. Dat betekent dat de rechtbank het beroep tegen het niet tijdig beslissen niet kan beoordelen. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
5. Ten overvloede merkt de rechtbank op dat de niet-ontvankelijkverklaring van het beroep tegen het niet tijdig beslissen op het bezwaar, niet wegneemt dat verweerder inmiddels had moeten beslissen op het bezwaar en voor zover hij dit nog niet heeft gedaan dit zo spoedig mogelijk alsnog dient te doen.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Deze uitspraak is gedaan door mr. S.A.M.L. van de Sande, rechter, in aanwezigheid van M. Choyoua, griffier, op 10 december 2024 en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
griffier
rechter
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Informatie over verzet

Als partijen het niet eens zijn met deze uitspraak, kunnen zij een verzetschrift sturen naar de rechtbank waarin zij uitleggen waarom zij het niet eens zijn met deze uitspraak. Het verzetschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Als partijen graag een zitting willen om het verzetschrift toe te lichten, moeten zij dit in het verzetschrift vermelden.

Voetnoten

1.Dit staat (onder andere) in artikel 6:12 van Pro de Awb.
2.Dit volgt uit artikel 6:12, tweede lid, van de Awb.
3.Dit staat in artikel 7:10 en Pro 7:13 van de Awb.