Uitspraak
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
- de bekennende verklaring van verdachte afgelegd ter zitting van 18 november 2024;
- het proces-verbaal van aangifte van [benadeelde 2] van 27 januari 2024, pagina’s 96 tot en met 99;
- het proces-verbaal van aangifte van [benadeelde 3] van 30 januari 2024, pagina’s 100 tot en met 102;
- het proces-verbaal van aangifte van [benadeelde 4] van 30 januari 2024, pagina’s 105 tot en met 109;
- het proces-verbaal van bevindingen van [verbalisant] van 7 mei 2024, opgenomen als los processtuk.
- de bekennende verklaring van verdachte afgelegd ter zitting van 18 november 2024;
- het proces-verbaal van aangifte van [benadeelde 1] van 29 oktober 2023, pagina’s 9 en 10.
hem(met kracht) op het hoofd te slaan;
5.De strafbaarheid
6.De strafoplegging
02-296747-23). De indruk is dat verdachte in een korte tijd relatief makkelijk is overgegaan tot het plegen van deze feiten, zonder zich hiervan ook maar enigszins rekenschap te geven. Dit baart de rechtbank zorgen.
- meewerkt aan een meldplicht bij de jeugdreclassering;
- meewerkt aan de door de jeugdreclassering ingezette [dagbesteding] (maximaal vijf dagen per week) voor de dagen dat verdachte geen betaalde baan heeft en aanvullende hulpverlening;
- geen drugs gebruikt en ter naleving van dit verbod meewerkt aan urinecontroles;
- meewerkt aan behandeling gericht op het verwerken van trauma’s (middels EMDR therapie of andere traumatherapie), indien de jeugdreclassering dit nodig acht;
- meewerkt aan algemene behandeling van ADHD-kenmerken gericht op impulscontrole en agressieregulatie (Fivoor) en eventueel medicatiegebruik hiervoor.
7.De benadeelde partij
8.De vordering tot tenuitvoerlegging
9.De wettelijke voorschriften
10.De beslissing
spreekt verdachte vrijvan het onder parketnummer 02-296747-23 primair ten laste gelegde feit;
een jeugddetentie van 90 dagen, waarvan 71 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van twee jaar;
algemene voorwaardedat verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
bijzondere voorwaardendat verdachte:
voorwaarden:
een werkstraf van 120 uren;
vervangende jeugddetentiezal worden toegepast van
60 dagen;
€ 1.856,-, waarvan € 356,- aan materiële schade en € 1.500,- aan immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente, vanaf 26 januari 2024 tot aan de dag der voldoening;
€ 1.856,-te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente, vanaf 26 januari 2024 tot aan de dag der voldoening;
0 dagen gijzelingkan worden toegepast, met dien verstande dat toepassing van de gijzeling de betalingsverplichting niet opheft;
[benadeelde 2](parketnummer 02-094737-24),
€ 2.020,-te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente, vanaf 26 januari 2024 tot aan de dag der voldoening;
0 dagen gijzelingkan worden toegepast, met dien verstande dat toepassing van de gijzeling de betalingsverplichting niet opheft;
€ 350,-te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente, vanaf 26 januari 2024 tot aan de dag der voldoening;
0 dagen gijzelingkan worden toegepast, met dien verstande dat toepassing van de gijzeling de betalingsverplichting niet opheft;
ten uitvoer zal worden gelegd, te weten een taakstraf, inhoudende een werkstraf, voor de duur 80 uren subsidiair 40 dagen vervangende jeugddetentie;
immers heeft verdachte toen aldaar opzettelijk brand gesticht, in elk geval
opzettelijk (open) vuur in aanraking gebracht met een personenauto, ten gevolge waarvan een of meer goederen, zijnde een personenauto, Audi Q2 met [kenteken 1] , een personenauto BMW 218i, met [kenteken 2] en/of een personenauto Citroën C4-Cactus, met [kenteken 3] , geheel of gedeeltelijk is verbrand, in elk geval brand is ontstaan,
terwijl daarvan gemeen gevaar voor deze personenauto’s en/of de woning gelegen aan [adres 2] en/of aangrenzende woningen, in elk geval gemeen gevaar voor goederen en/of levensgevaar en/of gevaar voor zwaar lichamelijk letsel voor de aanwezige personen in de woning aan [adres 2] , in elk geval levensgevaar en/of gevaar voor zwaar lichamelijk letsel voor een ander of anderen, te duchten was;
( art 157 ahf Pro/sub 1 Wetboek van Strafrecht, art 157 ahf Pro/sub 2 Wetboek van
Strafrecht, art 47 lid 1 ahf Pro/sub 1 Wetboek van Strafrecht )