Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[betrokkene]
Verloop van de procedure
Standpunten
Overwegingen
Beslissing
- het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om proceskostenvergoeding af.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene is een administratieve sanctie opgelegd wegens het rijden met een snelheid van 7 kilometer per uur boven de toegestane limiet binnen de bebouwde kom op de Ringbaan-West te Tilburg op 26 augustus 2023 om 15:48 uur. Betrokkene heeft hiertegen beroep ingesteld bij de officier van justitie, die de beslissing vernietigde en een proceskostenvergoeding toekende wegens samenhangende zaken.
Tegen deze beslissing heeft betrokkene vervolgens beroep ingesteld bij de kantonrechter. Op de zitting van 21 oktober 2024 heeft de kantonrechter het beroep behandeld. Namens de officier van justitie verscheen mr. A. de Vreeze, terwijl de gemachtigde van betrokkene niet aanwezig was.
De gemachtigde voerde aan dat ten onrechte samenhang van zaken was aangenomen en verzocht om een proceskostenvergoeding. De kantonrechter oordeelde echter dat sprake was van samenhangende zaken conform artikel 3, tweede lid, van het Besluit proceskosten bestuursrecht, omdat de bezwaren door dezelfde gemachtigde met nagenoeg identieke verweren waren ingediend. Daarom werd het beroep ongegrond verklaard en het verzoek om proceskostenvergoeding afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de verkeersboete wordt ongegrond verklaard en het verzoek om proceskostenvergoeding wordt afgewezen.