ECLI:NL:RBZWB:2024:7851
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Kort geding
- Zander
- Rechtspraak.nl
Verstekvonnis loonvordering in kort geding tegen vennootschap onder firma
In deze kortgedingprocedure vordert eiseres de VOF hoofdelijk te veroordelen tot betaling van achterstallig loon, wettelijke verhoging en rente, alsmede tot afgifte van deugdelijke bruto/netto-specificaties. De VOF is ondanks behoorlijke dagvaarding niet verschenen, waardoor verstek is verleend.
De kantonrechter beoordeelt het spoedeisend belang van eiseres, die haar loon nodig heeft voor levensonderhoud, en acht de vorderingen toewijsbaar, met uitzondering van de vakantietoeslag die pas in mei verschuldigd is. De wettelijke verhoging wordt beperkt tot 25% gezien de omstandigheden.
De VOF wordt veroordeeld tot betaling van een bedrag van €8.678,40 bruto aan loon over juni tot en met september 2024, vermeerderd met een wettelijke verhoging van €2.169,60 en wettelijke rente vanaf 29 oktober 2024. Tevens moet de VOF binnen twee weken na betekening bruto/netto-specificaties verstrekken, onder dreiging van een dwangsom. De proceskosten worden aan de VOF opgelegd en begroot op €905,92.
Uitkomst: De VOF wordt bij verstek veroordeeld tot betaling van achterstallig loon, wettelijke verhoging en rente, verstrekking van loonstroken en proceskosten.