Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[betrokkene]
Verloop van de procedure
Standpunten
€ 437,50
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene kreeg een administratieve sanctie opgelegd wegens het gebruik van een puntstuk op de Traktaatweg te Westdorpe op 7 juli 2022. Betrokkene stelde zich niet te kunnen herinneren de gedraging te hebben verricht en voerde aan niet staande te zijn gehouden. De officier van justitie verklaarde het beroep ongegrond, waarna betrokkene beroep instelde bij de kantonrechter.
De kantonrechter oordeelt dat op grond van artikel 5 Wahv Pro de verbalisant de bestuurder staande moet houden om diens identiteit vast te stellen. In deze zaak werd afgezien van staandehouding omdat de verbalisant geen werkende stoptransparant had, wat onvoldoende reden is. Hierdoor is de boete ten onrechte opgelegd aan de kentekenhouder.
De rechtbank verklaart het beroep gegrond, vernietigt de boete en de beslissing van de officier van justitie, en draagt op tot terugbetaling van het betaalde bedrag. Tevens wordt een proceskostenvergoeding toegekend aan betrokkene. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep mogelijk.
Uitkomst: Het beroep tegen de verkeersboete wordt gegrond verklaard en de boete wordt vernietigd wegens het ontbreken van een staandehouding.