Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.De procedure
- het vonnis van 29 november 2023 van deze rechtbank, met alle daarin genoemde stukken,
- de akte uitlaten aan de zijde van eiseres,
- de akte uitlaten aan de zijde van gedaagden.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
In deze civiele bodemzaak tussen Thager Projecten I B.V. en Jachthaven Biesbosch B.V. en Yacht Havens (Netherlands) Limited stond de vraag centraal of de zaak ambtshalve naar de kantonrechter verwezen moest worden vanwege een vordering in reconventie die betrekking zou hebben op huur.
De rechtbank stelde vast dat de vordering in reconventie betrekking heeft op een erfpachtovereenkomst en dat de huurovereenkomst die in de erfpachtakte is opgenomen betrekking heeft op een ander perceel dan het perceel dat onder de erfpacht valt. Beide partijen erkenden dat het geschil in de hoofdzaak uitsluitend over de erfpachtovereenkomst gaat.
De rechtbank concludeerde dat er geen sprake is van een huurgeschil zoals bedoeld in artikel 94 lid 3 Rv Pro en dat de zaak daarom niet naar de kantonrechter verwezen hoeft te worden. De procedure wordt voortgezet bij de handelsrechter en de zaak komt op 21 februari 2024 terug voor beraad over een mondelinge behandeling.
Uitkomst: De rechtbank wijst de ambtshalve verwijzing naar de kantonrechter af en houdt de zaak aan voor verdere behandeling bij de handelsrechter.