Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.De procedure
2.Het verzoek
going-concernwaarde van de onderneming. Een afkoelingsperiode is noodzakelijk om de door verzoekster gedreven onderneming tijdens de voorbereiding van het akkoord te kunnen blijven voortzetten. Herstructurering door middel van een WHOA-akkoord zal aanzienlijk gunstiger zijn voor de gezamenlijke crediteuren. Op basis van de vastgestelde reorganisatiewaarde zal aan de fiscus en aan de concurrente schuldeisers een substantiële uitkering kunnen plaatsvinden, terwijl zij in een faillissement geen uitkering zullen ontvangen. De belangen van de schuldeisers worden volgens verzoekster niet onredelijk geschaad door het gelasten van een afkoelingsperiode.
3.Het standpunt van [B.V. 2]
4.De beoordeling
5.De beslissing
,ingaande op 12 september 2024, die inhoudt: