Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
feit 2:zich schuldig heeft gemaakt aan zware mishandeling van [aangever] door hem met een mes te steken en door hem te bijten, dan wel hem heeft geprobeerd zwaar te mishandelen.
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
eensteekwond in de onderbuik, en letsel in/aan de dunne darm en een bijtwond in/aan de wijsvinger, heeft toegebracht door die [aangever] meermalen, met een mes in de hals en nek en in de buik, te steken en door in de vinger van die [aangever] te bijten.
5.De strafbaarheid
6.De strafoplegging
7.De benadeelde partij
8.Het beslag
9.De wettelijke voorschriften
10.De beslissing
spreekt verdachte vrijvan het onder 1 impliciet primair ten laste gelegde feit;
een gevangenisstraf van 15 (vijftien) maanden, waarvan 6 (zes) maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 (twee) jaar;
algemene voorwaardedat verdachte zich voor het einde van de proeftijd niet schuldig maakt aan een strafbaar feit;
bijzondere voorwaarde:
5 (vijf) jaar op geen enkele wijze - direct of indirect - contact zal opnemen, zoeken of hebben met [aangever], geboren op [geboortedag 2] 1954;
2 (twee) weken voor iedere keer dat niet aan de maatregel wordt voldaan, met een totale duur van ten hoogste 6 (zes) maanden;.
dadelijk uitvoerbaaris omdat er ernstig rekening mee moet worden gehouden dat verdachte opnieuw een strafbaar feit zal plegen en/of zich belastend zal gedragen jegens een bepaalde persoon;