Uitspraak
1.Het verloop van het geding
2.De verdere beoordeling
3.De proceskosten
4.De beslissing
“Typisch, Bezahlung wird durch UB nicht gemacht, und ach keine Antworrten auf Telefonaten/E-mails”op LinkedIn te plaatsen;
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
De werknemer vorderde een beëindigingsvergoeding van de werkgever, stellende dat de ontbindende voorwaarde in de vaststellingsovereenkomst niet was ingegaan. De werkgever stelde dat de werknemer al een concreet uitzicht op een nieuwe functie had bij ondertekening. De werknemer mocht tegenbewijs leveren, maar slaagde hier niet in vanwege onvolledige en niet-authentieke e-mailcorrespondentie.
De kantonrechter oordeelde dat de werkgever terecht een beroep deed op de ontbindende voorwaarde, waardoor de beëindigingsvergoeding niet verschuldigd is. Daarnaast erkende de rechter dat de werknemer zich in strijd met de vaststellingsovereenkomst negatief had uitgelaten over de werkgever op LinkedIn, ondanks een verbod hierop.
De rechter veroordeelde de werknemer tot verwijdering van de uitlating en legde een dwangsom op voor het geval hij dit nalaat. Ook werd een verbod uitgesproken voor toekomstige negatieve uitlatingen, met een maximale dwangsom. De proceskosten werden aan de werknemer opgelegd. De vorderingen in conventie werden afgewezen, terwijl in reconventie de verklaring voor recht en dwangsom werden toegewezen.
Uitkomst: De beëindigingsvergoeding wordt niet toegekend en de werknemer wordt veroordeeld tot verwijdering van negatieve uitlatingen met oplegging van dwangsommen.