Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[betrokkene]
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene kreeg een boete opgelegd voor het parkeren op een plek met parkeerverbod (bord E1) op de Scheldekade te Terneuzen op 11 mei 2022. Betrokkene en zijn gemachtigde voerden aan dat de overtreding niet had plaatsgevonden en dat er sprake was van onduidelijke of ontbrekende bebording. Ook werd gesteld dat de hoorplicht niet was nageleefd.
De officier van justitie verklaarde het beroep ongegrond, maar de kantonrechter oordeelde dat niet was komen vast te staan dat de gedraging had plaatsgevonden. Er ontbrak een foto van de overtreding en de gemeente beschikte niet meer over bewijs van de locatie en bebording.
De kantonrechter verklaarde het beroep gegrond, vernietigde de boete en de beslissing van de officier van justitie, en beval terugbetaling van het betaalde bedrag. Tevens werd een proceskostenvergoeding van €437,50 toegekend aan betrokkene. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep mogelijk.
Uitkomst: Beroep gegrond verklaard, boete en beslissing officier van justitie vernietigd, terugbetaling en proceskostenvergoeding toegekend.