Uitspraak
1.Waar de zaak over gaat
2.Hoe de procedure is verlopen
- de aanvullende stukken van Leystromen.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
In deze zaak vordert Stichting Leystromen ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming van een woning gehuurd door [rechthebbende 1] en [rechthebbende 2], vanwege vermeende ernstige overlast. Leystromen baseert haar vordering op klachten van omwonenden over geluidsoverlast, gooien van spullen over de schutting en vernielingen zoals graffiti.
De huurders en hun bewindvoerder betwisten de ernst en de herkomst van de overlast. Zij stellen dat er sprake is van een burenconflict en dat zij slechts incidenteel overlast veroorzaken. Ook is er ambulante begeleiding en een stabiel inkomen. De huurders erkennen incidentele kleine incidenten, maar ontkennen structurele overlast.
De kantonrechter oordeelt dat Leystromen geen belang meer heeft bij ontbinding omdat deze reeds is toegewezen in een eerdere procedure op andere gronden. De vordering tot ontruiming wordt afgewezen omdat onvoldoende is komen vast te staan dat de overlast door de huurders wordt veroorzaakt. Video’s en verklaringen bieden geen onomstotelijk bewijs. De vordering tot ontruiming wordt daarom afgewezen en Leystromen wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot ontbinding en ontruiming wordt afgewezen wegens onvoldoende bewijs dat de overlast door de huurders wordt veroorzaakt.