ECLI:NL:RBZWB:2024:6190
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Rekestprocedure
- Phillips
- Rechtspraak.nl
Voorlopige ondertoezichtstelling minderjarige wegens ernstige ontwikkelingsbedreiging en hulpverleningsproblemen
De Raad voor de Kinderbescherming verzocht tijdens een mondelinge behandeling op 30 augustus 2024 om een voorlopige ondertoezichtstelling (VOTS) van de minderjarige. Er zijn ernstige zorgen over de problematiek van de minderjarige, waaronder ADHD, emotie- en agressieregulatieproblemen, verslavingsproblematiek en wegloopgedrag. De ouders zijn gezamenlijk gezagsdragers, maar blijken onvoldoende in staat om samen passende hulpverlening te organiseren.
De minderjarige woont bij de moeder en heeft eerder hulp ontvangen via verschillende trajecten, waaronder Self, PMT en De GezinsManager. De relatie met de vader is conflictueus. De vader uit zorgen over de vrijblijvendheid van het vrijwillige hulpverleningstraject en de communicatie vanuit de instelling Sterk Huis, waar de minderjarige op de wachtlijst staat.
De kinderrechter acht het noodzakelijk dat de gecertificeerde instelling Jeugdbescherming Brabant de regie krijgt over de hulpverlening om de acute en ernstige bedreiging van de ontwikkeling van de minderjarige weg te nemen. De VOTS wordt voor drie maanden toegekend, van 30 augustus tot 30 november 2024, met directe inzet van een jeugdbeschermer. De beschikking is mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken.
Uitkomst: De kinderrechter stelt de minderjarige voorlopig onder toezicht van Jeugdbescherming Brabant voor drie maanden wegens ernstige bedreiging van haar ontwikkeling en het onvermogen van ouders passende hulp te regelen.