Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Procesverloop
- cliënt, bijgestaan door zijn advocaat;
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) verzocht de rechtbank om een machtiging tot voortzetting van de inbewaringstelling van een cliënt die verblijft bij een zorginstelling. De cliënt heeft een verstandelijke beperking, een autismespectrumstoornis en kampt met diverse gezondheidsproblemen, waaronder diabetes en galstenen. Hij ervaart stress door persoonlijke omstandigheden en onrust binnen de zorginstelling.
Tijdens de mondelinge behandeling gaf de cliënt aan het vertrouwen in de zorginstelling te zijn verloren en wilde hij niet langer in een verplicht kader verblijven. De gedragsdeskundige en bestuurder benadrukten echter de noodzaak van de voortzetting van de inbewaringstelling vanwege het risico op ernstig nadeel en het ontbreken van minder bezwarende alternatieven.
De rechtbank stelde vast dat er sprake is van onmiddellijk dreigend ernstig nadeel, waaronder levensgevaar en maatschappelijke teloorgang, veroorzaakt door het gedrag van de cliënt. De machtiging tot voortzetting van de inbewaringstelling werd daarom verleend voor een periode van zes weken, tot en met 24 september 2024.
Uitkomst: De rechtbank verleent de machtiging tot voortzetting van de inbewaringstelling voor zes weken.