ECLI:NL:RBZWB:2024:577
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen inbeslagname gevaarlijke hond na bijtincidenten
Verzoeker maakte bezwaar tegen het besluit van de burgemeester van Breda tot inbeslagname van zijn [hondenras] teefje na meerdere bijtincidenten en overtredingen van aanlijn- en muilkorfgeboden. De voorzieningenrechter overwoog dat de burgemeester terecht spoedeisende bestuursdwang toepaste gezien de ernst en herhaling van de incidenten.
De hond was betrokken bij een incident waarbij kippen werden aangevallen en gedood, gevolgd door meerdere bijtincidenten bij mensen. Ondanks waarschuwingen, boetes en een last onder dwangsom bleef verzoeker het gebod overtreden. De burgemeester trok de last in en nam de hond in beslag na een ernstig bijtincident op 14 november 2023.
Verzoeker voerde aan dat hij niet gehoord was en dat het bewijs onvoldoende was dat zijn hond betrokken was bij de incidenten. De voorzieningenrechter stelde vast dat de eerdere beslissingen onherroepelijk waren en dat de BOA's voldoende aanwijzingen hadden dat het teefje de hond was die de overtredingen beging. Ook was de machtiging tot binnentreden rechtsgeldig.
Gezien de ernst van de situatie en de herhaalde overtredingen kon de burgemeester spoedeisende bestuursdwang toepassen zonder voorafgaande waarschuwing. Het verzoek om voorlopige voorziening werd daarom afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de inbeslagname van de hond wordt afgewezen.