ECLI:NL:RBZWB:2024:482
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Op tegenspraak
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verlenging terbeschikkingstelling en afgifte zorgmachtiging
De rechtbank Zeeland-West-Brabant behandelde op 30 januari 2024 de vordering van de officier van justitie tot verlenging van de terbeschikkingstelling (tbs) van betrokkene, die sinds 2008 onder tbs met verpleging staat vanwege ontuchtige handelingen met minderjarigen.
Adviezen van de reclassering en een GZ-psycholoog stelden dat het recidivegevaar onder huidige omstandigheden laag is, maar dat het risico toeneemt als de tbs eindigt zonder passende zorg. De reclassering adviseerde geen verlenging, maar een aansluitende zorgmachtiging vanuit de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz). De officier van justitie stelde de vordering bij, waarbij verlenging alleen nodig is als geen zorgmachtiging wordt afgegeven.
De rechtbank oordeelde dat de stoornis en het recidivegevaar nog aanwezig zijn, maar dat met een zorgmachtiging het doel van de tbs kan worden bereikt met een lichtere dwangmaatregel. Daarom wees de rechtbank de verlengingsvordering af en gaf zij een zorgmachtiging af, zodat betrokkene onder stabiele omstandigheden kan blijven verblijven en begeleid worden.
Uitkomst: De rechtbank wijst de verlenging van de tbs af en geeft een zorgmachtiging af om het recidivegevaar te beheersen.