ECLI:NL:RBZWB:2024:4681
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens termijnoverschrijding bij aanslagen inkomstenbelasting 2019-2022
Belanghebbende heeft beroep ingesteld tegen de aanslagen inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen over de jaren 2019 tot en met 2022. De rechtbank beoordeelt dat het beroepschrift te laat is ingediend, namelijk op 30 januari 2024, terwijl de termijn eindigde op 15 november 2023.
Belanghebbende voerde aan dat hij in afwachting was van ontwikkelingen rondom het commissiedebat van juni 2023 en een brief van de staatssecretaris van Financiën over de Bijzondere invaliditeitsverhoging voor oud-militairen. De rechtbank oordeelt dat deze redenen geen verschoonbare omstandigheden vormen voor de termijnoverschrijding.
De rechtbank stelt vast dat belanghebbende tijdig een pro forma beroep had kunnen indienen en dit later had kunnen aanvullen. Omdat het beroep niet-ontvankelijk is verklaard, wordt het bestreden besluit niet inhoudelijk beoordeeld en blijft het in stand. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep is niet-ontvankelijk verklaard wegens te late indiening zonder verschoonbare redenen.