ECLI:NL:RBZWB:2024:4613
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep wegens ontbreken belanghebbende bij aanvraag uittreksel BRP
Verzoeker heeft bezwaar gemaakt tegen de afwijzing van een aanvraag voor een uittreksel uit de Basisregistratie Personen (BRP). De aanvraag was gedaan door zijn advocaat, die als enige belanghebbende wordt gezien. De rechtbank oordeelt dat verzoeker zelf geen rechtstreeks belang heeft bij het uittreksel en daarom niet ontvankelijk is in zijn bezwaar.
De voorzieningenrechter acht het spoedeisend belang van verzoeker aanwezig vanwege zijn wens een procedure tot ontkenning van het vaderschap te starten. Desondanks is het bezwaar niet-ontvankelijk omdat alleen de advocaat als aanvrager en belanghebbende kan optreden bij het verkrijgen van persoonsgegevens uit de BRP.
De rechtbank bevestigt dat de Wet BRP en het Besluit BRP bepalen dat persoonsgegevens alleen aan bepaalde derden, zoals advocaten, mogen worden verstrekt. Verzoeker heeft een afgeleid belang, wat onvoldoende is voor ontvankelijkheid. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en het verzoek om een voorlopige voorziening afgewezen.
Uitkomst: Het beroep van verzoeker wordt ongegrond verklaard omdat hij geen belanghebbende is bij de aanvraag van het BRP-uittreksel.