ECLI:NL:RBZWB:2024:4596

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
3 juli 2024
Publicatiedatum
4 juli 2024
Zaaknummer
11034379 OV VERZ 24-1582 (E)
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Civiel recht
Uitkomst
Toewijzend
Procedures
  • Beschikking
Rechters
  • Van den Boom
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 4:196 BWArt. 4:203 BWArt. 4:214 lid 1 BWArt. 4:214 lid 5 BWArt. 4:218 BW
Verwijzingen
5 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Beschikking opleggen zware vereffening nalatenschap met openlijke schuldenoproep

De nalatenschap van de erflaatster, die beneficiair is aanvaard door de enige erfgenaam, dient volgens de wet te worden vereffend waarbij de erfgenaam als vereffenaar optreedt. Op 4 april 2024 is een voorlopige boedelbeschrijving ingediend en ter inzage gelegd bij de rechtbank.

De kantonrechter stelt vast dat op de vereffenaar de verplichtingen rusten zoals omschreven in artikel 4:214 lid 1 en Pro lid 5 BW en artikel 4:218 BW Pro. Dit houdt onder meer in dat de vereffenaar de schuldeisers openlijk moet oproepen hun vorderingen in te dienen. De uiterste datum voor het indienen van vorderingen wordt vastgesteld op 3 september 2024.

De oproep dient te geschieden in de (digitale) Staatscourant, gelijktijdig met de bekendmaking van de beneficiaire aanvaarding. Tevens wijst de kantonrechter op de mogelijkheid om een externe vereffenaar te laten benoemen via een verzoek aan de rechtbank. De beschikking is uitgesproken op 3 juli 2024 door kantonrechter Van den Boom.

Uitkomst: De kantonrechter legt de zware vereffening op en bepaalt dat schuldeisers uiterlijk 3 september 2024 hun vorderingen moeten indienen via een oproep in de Staatscourant.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Cluster I Civiele kantonzaken
Bergen op Zoom
zaak/rolnr.: 11034379 OV VERZ 24-1582
beschikking d.d. 3 juli 2024
in de nalatenschap van:
[erflaatster]
laatstelijk gewoond hebbend te [plaats] ,
overleden te [plaats] op [datum] 2023,
nader te noemen erflaatster.

1.Het procesverloop en de beoordeling

1.1
Erflaatster heeft bij uiterste wil van 26 november 1996 over haar nalatenschap beschikt. Zij heeft als enig en algeheel erfgenaam achtergelaten de heer [naam] , die de nalatenschap beneficiair heeft aanvaard. Gelet hierop dient de nalatenschap te worden vereffend volgens de wet, waarbij de erfgenaam als vereffenaar optreedt.
1.2
Op 4 april 2024 is door de vereffenaar een (voorlopige) boedelbeschrijving overgelegd. Deze boedelbeschrijving is geadministreerd onder bovenvermeld kenmerk en ter griffie van de rechtbank Zeeland-West-Brabant, Cluster I Civiele kantonzaken te Bergen op Zoom ter inzage gelegd.
1.3
Gelet op de boedelbeschrijving ziet de kantonrechter aanleiding te bepalen dat de in artikel 4:221 lid 1 BW Pro genoemde verplichtingen op de vereffenaar rusten. De verplichtingen zoals genoemd in artikel 4:214 lid 1 en Pro lid 5 BW en 4:218 BW zijn derhalve (mede) van toepassing. De vereffenaar dient de schuldeisers van de nalatenschap, ingevolge artikel 4:214 lid 1 BW Pro, openlijk op te roepen hun vorderingen bij hem in te dienen. De kantonrechter bepaalt de uiterste datum waarop de vorderingen moeten zijn aangemeld op 3 september 2024. De oproep dient te geschieden op dezelfde wijze als en zoveel mogelijk gelijktijdig met de bekendmaking van de beneficiaire aanvaarding, welke ingevolge artikel 4:196 BW Pro bekend gemaakt dient te worden in de (digitale) Staatscourant.
1.4
Voor de volledigheid wijst de kantonrechter nog op de mogelijkheid tot het laten benoemen van een vereffenaar ex artikel 4:203 BW Pro. Een dergelijk verzoek dient te worden ingediend bij de rechtbank Zeeland-West-Brabant, locatie Breda, team Civiel, Cluster II Civiele handelszaken.
1.5
Op grond van het voorgaande zal als volgt worden beslist.

2.De beslissing

De kantonrechter:
verstaat dat de boedelbeschrijving onder bovenvermeld kenmerk is geadministreerd en ter griffie van de rechtbank Zeeland-West-Brabant, Cluster I Civiele kantonzaken
te Bergen op Zoom ter inzage ligt;
bepaalt dat op de vereffenaar de verplichtingen rusten als omschreven in artikel 4:214 lid 1 en Pro lid 5 BW en artikel 4:218 BW Pro;
bepaalt dat de vereffenaar de schuldeisers openlijk dient op te roepen in de (digitale) Staatscourant om hun vorderingen uiterlijk 3 september 2024 bij hem in te dienen;
bepaalt dat de beneficiaire aanvaarding bekend gemaakt dient te worden in de (digitale) Staatscourant.
Deze beschikking is gegeven door mr. Van den Boom, kantonrechter, en is uitgesproken op de openbare terechtzitting van 3 juli 2024, in tegenwoordigheid van de griffier.