ECLI:NL:RBZWB:2024:4161
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- S. Hindriks
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beroep tegen weigering Indicatie banenafspraak door UWV
Eiser heeft bij het UWV een aanvraag ingediend voor een Indicatie banenafspraak, die op 15 december 2021 werd afgewezen omdat hij het wettelijk minimumloon kan verdienen. Na bezwaar handhaafde het UWV dit besluit op 21 juni 2023. Eiser voerde aan dat zijn psychische beperkingen onvoldoende waren meegewogen en verzocht om het inschakelen van een deskundige.
De rechtbank heeft het medisch en arbeidskundig onderzoek beoordeeld. De verzekeringsarts en verzekeringsarts b&b concludeerden dat eiser lichte fysieke beperkingen heeft, maar wel in staat is tot licht fysiek werk. De verzekeringsarts b&b erkende beperkingen op sociaal functioneren, maar achtte deze niet zodanig dat eiser niet kan werken. De arbeidsdeskundige bevestigde dat de drempelfunctie Montagemedewerker passend is, ook met de psychische beperkingen.
De rechtbank oordeelt dat het UWV het besluit op goede gronden heeft genomen en dat het medisch onderzoek voldoende zorgvuldig was. Het verzoek om een deskundige te raadplegen wordt afgewezen. Het beroep wordt ongegrond verklaard, maar het UWV wordt veroordeeld tot vergoeding van griffierecht en proceskosten aan eiser.
Uitkomst: Het beroep tegen de weigering van het UWV om een Indicatie banenafspraak toe te kennen wordt ongegrond verklaard.