Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[betrokkene] V.O.F.
Verloop van de procedure
Standpunten
Overwegingen
€ 437,50
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene kreeg een boete opgelegd voor het parkeren buiten een parkeervak op 16 juni 2022 te Breda. Namens betrokkene werd beroep ingesteld tegen deze boete, omdat uit de foto's bleek dat betrokkene binnen de parkeervakken had geparkeerd en het zaakoverzicht niet op ambtseed was opgemaakt.
De kantonrechter stelde vast dat de situatie ter plaatse onduidelijk was door een doorgetrokken witte lijn die de indruk wekte van een parkeervak. Hierdoor kon niet met zekerheid worden vastgesteld dat de gedraging had plaatsgevonden. De boete werd daarom ten onrechte opgelegd.
De kantonrechter verklaarde het beroep gegrond, vernietigde de boete en de beslissing van de officier van justitie, en beval terugbetaling van het betaalde bedrag. Tevens werd een proceskostenvergoeding van €1.187,00 toegekend aan betrokkene. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep mogelijk.
Uitkomst: Het beroep tegen de verkeersboete wordt gegrond verklaard en de boete wordt vernietigd met toekenning van proceskostenvergoeding.