Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[betrokkene]
Verloop van de procedure
Standpunten
handelen in strijd met een geslotenverklaring (bord C2 van het RVV 1990. eenrichtingsverkeer) op de Keizerstraat te Breda op 17 april 2022.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene kreeg een verkeersboete opgelegd wegens het overtreden van een geslotenverklaring (bord C2) op de Keizerstraat te Breda op 17 april 2022. Betrokkene stelde dat zij de overtreding niet had begaan, omdat de boete was opgelegd op basis van een kentekenplaat van een scooter, terwijl zij geen scooter bezit en op het moment van de overtreding thuis was met haar auto geparkeerd.
De officier van justitie had het beroep van betrokkene ongegrond verklaard, maar betrokkene stelde beroep in bij de kantonrechter. Tijdens de zitting verklaarde de verbalisant dat de boete was uitgeschreven aan een zeventienjarige jongen, waarbij de QR-code op diens rijbewijs was gescand. Op basis van die gegevens werd de boete echter op naam van betrokkene opgelegd, zonder verdere controle, waardoor de beschikking ten onrechte aan betrokkene werd opgelegd.
De kantonrechter oordeelde dat de gedraging niet door betrokkene was verricht en dat de boete onterecht was opgelegd. De beslissing van de officier van justitie en de boetebeschikking werden vernietigd. Tevens werd de officier van justitie opgedragen het reeds betaalde bedrag van €159,- terug te betalen aan betrokkene. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep mogelijk.
Uitkomst: Het beroep tegen de verkeersboete is gegrond verklaard en de boete is vernietigd.