ECLI:NL:RBZWB:2024:2779
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Bodemzaak
- Goedegebuur
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening voor voorschot op schadevergoeding wegens gebrekkige pv-installatie
In deze civiele bodemzaak vordert eiser een voorlopige voorziening in de vorm van een voorschot van €21.739,67 op een schadevergoeding wegens gebreken aan een door Helios gerealiseerde pv-installatie. Eiser stelt dat de installatie gebrekkig is, brandgevaarlijk en niet functioneert, en dat Helios de installatie niet volgens een minnelijke regeling heeft verplaatst.
Helios betwist de aansprakelijkheid en stelt dat de schade deels het gevolg is van een storm en dat de kosten voor verplaatsing veel lager zijn dan gevorderd. Ook voert Helios aan dat eiser geen spoedeisend belang heeft bij het voorschot, omdat hij de gebreken door een derde kan laten verhelpen.
De rechtbank oordeelt dat de hoogte en het bestaan van de schadevergoeding onvoldoende aannemelijk zijn gemaakt en dat het spoedeisend belang ontbreekt. Daarom wordt het verzoek afgewezen en wordt eiser veroordeeld in de proceskosten van het incident.
Uitkomst: De rechtbank wijst het gevorderde voorschot af wegens onvoldoende aannemelijkheid en ontbrekend spoedeisend belang.