ECLI:NL:RBZWB:2024:2563
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening tegen medisch onderzoek rijvaardigheid
Verzoeker heeft een voorlopige voorziening gevraagd tegen de verplichting tot het ondergaan van een medisch onderzoek in verband met zijn rijvaardigheid. Hij stelt dat het onderzoek onterecht is opgelegd, voelt zich onterecht als half dementerend neergezet en verwijt leeftijdsdiscriminatie.
De voorzieningenrechter oordeelt dat verzoeker onvoldoende heeft aangetoond dat er sprake is van een spoedeisend belang. Verzoeker beschikt nog over zijn rijbewijs en heeft niet toegelicht waarom hij geen afspraak kan maken voor het onderzoek of waarom hij niet kan deelnemen aan het onderzoek. De aangevoerde gronden zijn niet voldoende om een voorlopige voorziening te rechtvaardigen.
Daarnaast is een hoorzitting gepland en moet het medisch onderzoek uiterlijk binnen een redelijke termijn plaatsvinden, wat het spoedeisend belang verder ondermijnt. Daarom wordt het verzoek om voorlopige voorziening zonder zitting afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het medisch onderzoek wordt afgewezen wegens het ontbreken van een spoedeisend belang.