ECLI:NL:RBZWB:2024:250
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Rekestprocedure
- Phillips
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek tot zorgmachtiging wegens verblijf betrokkene in buitenland
De rechtbank Zeeland-West-Brabant ontving een verzoek van de officier van justitie tot het verlenen van een zorgmachtiging op grond van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz) ten behoeve van betrokkene. Het verzoek omvatte onder meer het toedienen van medicatie, beperken van bewegingsvrijheid en opname in een accommodatie.
Tijdens de mondelinge behandeling op 5 januari 2024 was betrokkene niet aanwezig omdat hij zich in Turkije bevond. Zijn advocaat gaf aan dat betrokkene niet gehoord kon worden en dat het onduidelijk was wanneer hij terug zou keren naar Nederland. Op grond van artikel 6:1 Wvggz Pro dient betrokkene gehoord te worden, tenzij hij niet in staat of bereid is zich te doen horen. Omdat betrokkene niet in Nederland verbleef en niet gehoord kon worden, was behandeling niet mogelijk.
De rechtbank concludeerde dat niet vastgesteld kon worden of betrokkene in staat of bereid was te worden gehoord en dat het onduidelijk was wanneer een mondelinge behandeling met betrokkene alsnog zou kunnen plaatsvinden. De advocaat kon geen standpunt namens betrokkene innemen. Daarom wees de rechtbank het verzoek af, met de mogelijkheid tot een nieuwe aanvraag zodra betrokkene weer in Nederland is.
Uitkomst: Het verzoek tot het verlenen van een zorgmachtiging wordt afgewezen omdat betrokkene niet in Nederland verbleef en niet gehoord kon worden.