ECLI:NL:RBZWB:2024:231
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Proceskostenvergoeding toegekend na intrekking UWV-besluit en toekenning WIA-uitkering
Verzoekster had beroep ingesteld tegen een besluit van het UWV waarin zij werd beschouwd als arbeidsgeschikt en geen Ziektewet-uitkering kreeg. Tijdens het beroep trok het UWV het bestreden besluit in en kende verzoekster een WIA-uitkering toe met terugwerkende kracht vanaf 18 februari 2020.
Hierdoor kwam het UWV geheel aan verzoekster tegemoet, waarna verzoekster haar beroep introk en een proceskostenvergoeding vorderde. De rechtbank stelde vast dat het UWV niet meer reageerde op het verzoek, maar eerder had aangegeven bereid te zijn de proceskosten en griffierecht te vergoeden.
De rechtbank wees het verzoek toe en legde het UWV op om de proceskosten van € 2.123,00 en het griffierecht van € 50,00 aan verzoekster te vergoeden. De uitspraak werd gedaan zonder zitting en is openbaar. Tevens is gewezen op de mogelijkheid van verzet binnen zes weken na verzending van de uitspraak.
Uitkomst: Het UWV is veroordeeld tot betaling van € 2.123,00 aan proceskosten en € 50,00 aan griffierecht aan verzoekster.