Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[betrokkene]
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene werd een verkeersboete opgelegd wegens het vasthouden van een mobiel elektronisch apparaat tijdens het rijden op een bromfiets op 26 mei 2022 in Bergen op Zoom. Betrokkene stelde dat hij de telefoon alleen vasthield terwijl hij stilstond en deze daarna weggestopt had voordat hij ging rijden. Tijdens de zitting bevestigde hij dit verhaal en gaf aan dat hij de boete onterecht vindt.
De officier van justitie steunde haar standpunt op de verklaringen van verbalisanten die driemaal noteerden dat betrokkene de telefoon tijdens het rijden vasthielden. Zij verzocht om afwijzing van het beroep, met een matiging van 25% wegens schending van de hoorplicht.
De kantonrechter oordeelde dat onvoldoende is komen vast te staan dat betrokkene de gedraging heeft verricht, mede vanwege het consistente en duidelijke verweer van betrokkene en de mogelijkheid van een verkeerde waarneming door de verbalisanten. Daarom werd het beroep gegrond verklaard, de boete vernietigd en het betaalde bedrag terugbetaald.
Uitkomst: Het beroep tegen de verkeersboete wordt gegrond verklaard en de boete wordt vernietigd.