Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[betrokkene]
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene kreeg een administratieve sanctie opgelegd voor het zodanig parkeren van een voertuig dat gevaar of hinder werd veroorzaakt op het Stationsplein in Breda op 7 november 2021. Betrokkene stelde dat hij de auto niet midden op de weg had stilgezet en dat de situatie kort en zonder hinder was.
De officier van justitie verklaarde het beroep ongegrond, maar de kantonrechter constateerde dat het dossier geen foto’s of aanvullend proces-verbaal bevatte, mede doordat de verbalisant niet meer in dienst is. Hierdoor kon niet worden vastgesteld dat de gedraging heeft plaatsgevonden.
De kantonrechter verklaarde het beroep gegrond, vernietigde de boete en de beslissing van de officier van justitie, en beval terugbetaling van het betaalde bedrag van €159. Tegen deze uitspraak is geen hoger beroep mogelijk.
Uitkomst: Het beroep tegen de verkeersboete wordt gegrond verklaard en de boete wordt vernietigd.