Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
(machtiging tot uithuisplaatsing [minderjarige 1] )
(machtiging tot uithuisplaatsing [minderjarige 2] )
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
De Stichting Jeugdbescherming West Zeeland verzocht om machtiging tot uithuisplaatsing van twee minderjarigen, geboren in 2006 en 2008, wegens ernstige fysieke en emotionele onveiligheid in de thuissituatie bij de moeder. De minderjarigen stonden ingeschreven op het adres van de moeder en waren onder toezicht gesteld van de gecertificeerde instelling sinds december 2023.
Tijdens de mondelinge behandeling, waarbij de moeder en vader niet aanwezig waren, gaf de kinderrechter een kindgesprek met de minderjarigen. Beide minderjarigen stemden in met de uithuisplaatsing en gaven aan dat zij zich op hun huidige verblijfplaatsen beter kunnen concentreren op school en werk. De stiefvader steunde het verzoek en constateerde verbetering sinds de uithuisplaatsing.
De kinderrechter oordeelde dat de moeder niet in staat is de belangen van de minderjarigen voorop te stellen en dat de uithuisplaatsing noodzakelijk is voor hun veiligheid en ontwikkeling. De machtiging wordt verleend tot aan de meerderjarigheid van de oudste en tot het einde van de ondertoezichtstelling van de jongste, met onmiddellijke uitvoerbaarheid vanwege het belang van de minderjarigen.
Uitkomst: Machtiging tot uithuisplaatsing van beide minderjarigen wordt verleend met onmiddellijke uitvoerbaarheid.