Uitspraak
1.De zaak in het kort
2.De procedure
- de akte van [gedaagde] van 28 november 2023 met bijlagen
- de antwoordakte van 13 december 2023 van Transhair met producties.
3.De verdere beoordeling
116,00
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
In deze civiele bodemzaak stond centraal of gedaagde had voldaan aan zijn betalingsverplichting van €3.100 aan Transhair & Aesthetic Team B.V. De kantonrechter heeft beoordeeld of gedaagde voldoende bewijs had geleverd van deze betaling. Gedaagde overhandigde een bankafschrift waarop een betaling van €3.100 aan Transhair stond vermeld, maar Transhair betwistte de echtheid hiervan en leverde bewijs dat het bedrag niet op haar rekening was bijgeschreven.
De kantonrechter concludeerde dat het bankafschrift waarschijnlijk was gemanipuleerd, omdat het saldo-overzicht niet overeenkwam met de vermelde uitgaven inclusief de betaling van €3.100. Ook de positionering van het bedrag op het afschrift week af van de overige bedragen, wat duidde op een handmatige toevoeging. Andere bewijsstukken van gedaagde werden eerder beoordeeld en boden geen steun.
Op grond hiervan oordeelde de kantonrechter dat gedaagde niet geslaagd was in zijn bewijslevering en veroordeelde hem tot betaling van €3.100 aan Transhair, vermeerderd met wettelijke rente vanaf 5 juli 2022. De vordering tot vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten werd afgewezen wegens het ontbreken van een correcte aanmaning. Gedaagde werd tevens veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van €3.100 met wettelijke rente vanaf 5 juli 2022 wegens onvoldoende bewijs van betaling.