Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
[betrokkene]
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Betrokkene kreeg een verkeersboete opgelegd voor het rijden van 5 km/u te hard op de N62 Westerscheldetunnel op 22 mei 2022. Betrokkene stelde dat het voertuig verhuurd of geleaset was en dat zij de boete niet kon betalen vanwege haar financiële situatie.
De officier van justitie verklaarde het beroep niet-ontvankelijk omdat het beroepschrift te laat was ingediend, wat door betrokkene niet aannemelijk werd gemaakt als niet aan haar toe te rekenen. De kantonrechter stelde vast dat de termijn voor het indienen van beroep zes weken bedroeg en dat het beroepschrift pas na deze termijn was ontvangen.
Hoewel betrokkene de zekerheidstelling niet kon betalen, stelde de kantonrechter deze op nihil. Desondanks werd het beroep ongegrond verklaard omdat de termijnoverschrijding niet verschoonbaar was. De uitspraak werd op 8 november 2023 gedaan door kantonrechter A.B. Scheltema Beduin.
Uitkomst: Het beroep tegen de verkeersboete wordt ongegrond verklaard vanwege te laat ingediend beroep dat niet verschoonbaar is.