ECLI:NL:RBZWB:2023:9311
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Rekestprocedure
- Jansen
- Hamburger
- Van Term
- Rechtspraak.nl
Beëindiging ouderlijk gezag moeder en eenhoofdig gezag vader over minderjarige
De rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft op 8 september 2023 uitspraak gedaan in een rekestprocedure betreffende het ouderlijk gezag over een minderjarige geboren in 2007. De Raad voor de Kinderbescherming verzocht de beëindiging van het gezag van de moeder en toekenning van eenhoofdig gezag aan de vader. De moeder was langdurig afwezig, dakloos, verslaafd en psychisch belast, waardoor zij haar gezagsverantwoordelijkheden niet kon uitvoeren. De minderjarige woonde sinds 2021 niet meer bij de moeder en had sinds die tijd geen contact met haar.
De moeder erkende haar problematiek en gaf aan sinds april 2023 stappen te zetten richting stabilisatie, maar de rechtbank oordeelde dat dit nog onvoldoende was om het gezag te continueren. De vader steunde het verzoek en de Gecertificeerde Instelling (GI) bevestigde dat de moeder niet in staat was het gezag uit te oefenen. De minderjarige zelf gaf aan geen contact met de moeder te willen, maar stond open voor toekomstig contact.
De rechtbank stelde vast dat de moeder het gezag niet had misbruikt, maar dat haar langdurige onbereikbaarheid en onvermogen tot opvoeding ernstige bedreiging voor de ontwikkeling van de minderjarige vormden. Gezien de leeftijd van de minderjarige en de noodzaak van voorspelbaarheid en stabiliteit, werd het gezag van de moeder beëindigd en het eenhoofdig gezag aan de vader toegekend. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad verklaard om de belangen van de minderjarige te waarborgen.
Uitkomst: Het ouderlijk gezag van de moeder wordt beëindigd en het eenhoofdig gezag aan de vader toegekend.