ECLI:NL:RBZWB:2023:9294

Rechtbank Zeeland-West-Brabant

Datum uitspraak
11 december 2023
Publicatiedatum
4 januari 2024
Zaaknummer
23-018624
Type
Uitspraak
Rechtsgebied
Strafrecht
Uitkomst
Deels toewijzend
Procedures
  • Raadkamer
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 530 SvArt. 533 SvArt. 534 SvArt. 535 Sv
Verwijzingen
4 uitgaand
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Gedeeltelijke toewijzing verzoek schadevergoeding kosten rechtsbijstand na vrijspraak

De enkelvoudige raadkamer van de rechtbank Zeeland-West-Brabant behandelde op 27 november 2023 het verzoek van verzoekster tot vergoeding van kosten rechtsbijstand op grond van artikel 530 van Pro het Wetboek van Strafvordering. Verzoekster was vrijgesproken door de kantonrechter op 24 mei 2023. De officier van justitie was gehoord en stelde voor het verzoek gedeeltelijk toe te wijzen en het bedrag te matigen vanwege BTW-teruggave.

De rechtbank oordeelde dat zij bevoegd was het verzoek te behandelen omdat de zaak bij de rechtbank was vervolgd of zou worden vervolgd. Volgens artikel 530 Sv Pro kan vergoeding worden toegekend voor kosten van rechtsbijstand, reis- en verblijfkosten en geleden schade door tijdverzuim. De rechtbank mat het gevraagde bedrag van €3.405,30 tot €2.814,30 omdat een rechtspersoon de BTW kan terugvorderen.

Daarnaast kende de rechtbank een forfaitaire vergoeding van €340,00 toe voor de kosten van het opstellen en indienen van het verzoekschrift. Het totale toe te kennen bedrag bedroeg daarmee €3.154,30. Het resterende deel van het verzoek werd afgewezen. De beslissing werd op 11 december 2023 uitgesproken door rechter Hopmans.

Uitkomst: Verzoek tot vergoeding van kosten rechtsbijstand wordt deels toegewezen tot een bedrag van €3.154,30.

Uitspraak

RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT

Strafrecht
Zittingsplaats Middelburg
parketnummer : 96-179667-22
raadkamernummer : 23-018624
datum : 27 november 2023
beslissing van de enkelvoudige raadkamer op het verzoek op grond van artikel 530 van Pro het Wetboek van Strafvordering (Sv) van:
[verzoekster] ,
woonplaats kiezend op het kantoor van mr. T.H.L. Kneepkens, advocaat te Amsterdam (Valeriusplein 20BG, 1075 BH Amsterdam),
hierna te noemen: de verzoekster.

1.De procedure

De procedure blijkt onder meer uit de volgende stukken:
 het verzoekschrift dat strekt tot toekenning van een vergoeding
ex artikel 530 Sv Proten laste van de Staat voor een bedrag van:
  • € 3.405,30, voor vergoeding van kosten rechtsbijstand;
  • te vermeerderen met de kosten met betrekking tot het opstellen en indienen van het verzoekschrift ad € 340,00 dan wel € 680,00 bij behandeling van het verzoekschrift in raadkamer;
  • de aantekening mondeling vonnis van de kantonrechter van 24 mei 2023 waarbij verzoekster is vrijgesproken;
  • de schriftelijke reactie van de officier van justitie.
Op 27 november 2023 heeft het onderzoek door de raadkamer plaatsgevonden. Hierbij is de officier van justitie, mr. R.C.P. Rammeloo, gehoord.
Verzoekster en haar raadsman hebben voor de zitting laten weten dat zij niet bij de behandeling van het verzoek aanwezig zullen zijn.

2.De standpunten

De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat de verzochte vergoeding dient te worden gematigd. De vergoeding is door een rechtspersoon betaald, zodat de BTW kan worden teruggevraagd. Het toe te wijzen bedrag moet om die reden worden gematigd tot een bedrag van € 2.814,30. De officier van justitie stelt zich op het standpunt dat het verzoek gedeeltelijk moet worden afgewezen.

3.De beoordeling

De rechtbank overweegt als volgt.
De rechtbank is bevoegd om het verzoek in behandeling te nemen, nu de zaak in feitelijke aanleg bij de rechtbank is vervolgd, zou worden vervolgd of laatstelijk werd vervolgd.
Ingevolge artikel 530 Sv Pro wordt aan de gewezen verdachte een vergoeding toegekend in
de ten behoeve van het onderzoek en de behandeling van de zaak gemaakte reis- en verblijfkosten, en kan een vergoeding worden toegekend voor de schade welke hij ten gevolge van tijdverzuim door de vervolging en de behandeling der zaak ter terechtzitting werkelijk heeft geleden, alsmede, behoudens in het zich hier niet voordoende geval dat - kort gezegd - de raadsman was toegevoegd, in de kosten van een raadsman.
Ingevolge artikel 534, eerste en vierde lid, Sv vindt toekenning van een schadevergoeding steeds plaats, indien en voor zover daartoe, naar het oordeel van de rechtbank, alle omstandigheden in aanmerking genomen, gronden van billijkheid aanwezig zijn.
Het verzochte bedrag aan kosten van rechtsbijstand ter grootte van € 3.405,30 is inclusief BTW. Een rechtspersoon kan BTW terugvragen, zodat de werkelijk gemaakte kosten van rechtsbijstand € 2.814,30 bedroegen. Gelet hierop acht de rechtbank een bedrag van
€ 2.814,30redelijk en billijk.
Voor de kosten verbonden aan de indiening van het verzoekschrift wordt het forfaitaire bedrag van
€ 340,00toegekend.

4.De beslissing

De rechtbank:
wijst het verzoek tot toekenning van een vergoeding ex artikel 530 Sv Pro toe tot een bedrag van
€ 3.154,30,
wijst het verzoek voor het overige af;
bepaalt dat een bedrag van
€ 3.154,20zal worden overgemaakt op [rekeningnummer] ten name van Stichting Derdengelden JKR Advocaten, onder vermelding van “ [kenmerk] ”.
Deze beslissing is op 11 december 2023 gegeven door mr. J.P.M. Hopmans, rechter, in tegenwoordigheid van I.L. Bruijnooge, griffier, en is uitgesproken ter openbare terechtzitting van 11 december 2023.
INFORMATIE RECHTSMIDDEL
Tegen de beslissing ex artikel 533 en Pro ex 530 Sv kan door het Openbaar Ministerie binnen veertien dagen na de dagtekening van deze beslissing en door verzoeker binnen een maand na de betekening van deze beslissing hoger beroep worden ingesteld bij het Gerechtshof te ‘s-Hertogenbosch (artikel 535 lid 1 Sv Pro).