ECLI:NL:RBZWB:2023:9230
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Voorlopige voorziening
- T. Peters
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen weigering toestemming Wpbr
Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de korpschef van de politie Zeeland-West-Brabant waarin toestemming als bedoeld in artikel 7, lid 2 van de Wet particuliere beveiligingsorganisaties en recherchebureaus (Wpbr) werd geweigerd. Tevens verzocht hij om een voorlopige voorziening om hem te beschouwen als houder van die toestemming in afwachting van de uitspraak in de hoofdzaak.
De voorzieningenrechter beoordeelde het spoedeisend belang van het verzoek en concludeerde dat ondanks de financiële situatie van verzoeker, deze al bijna een jaar zonder de toestemming financieel weet te overleven. De aanvraag dateert van januari 2023, het primaire besluit van juli 2023 en het bestreden besluit van oktober 2023.
Omdat er geen sprake is van onverwijlde spoed die een voorlopige voorziening rechtvaardigt, werd het verzoek afgewezen. Er werden geen proceskosten toegekend en tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de weigering van toestemming op grond van artikel 7 lid 2 Wpbr wordt afgewezen wegens ontbreken van een zelfstandig spoedeisend belang.