ECLI:NL:RBZWB:2023:8876
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Verzet gegrond tegen niet-ontvankelijkverklaring beroep wegens griffierechtbetaling
Opposant had beroep ingesteld tegen een besluit van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, maar de rechtbank verklaarde dit beroep niet-ontvankelijk omdat het griffierecht niet tijdig was betaald.
Tegen deze uitspraak stelde opposant verzet in en voerde aan dat het griffierecht op tijd was betaald, met een betalingsbewijs ter onderbouwing. De rechtbank constateerde dat het betaalde bedrag was geregistreerd onder een ander betalingskenmerk behorend bij een andere zaak, waardoor de betaling ten onrechte niet werd toegerekend aan deze procedure.
De rechtbank oordeelde dat het buiten redelijke twijfel niet-ontvankelijk verklaren van het beroep onterecht was en verklaarde het verzet gegrond. De procedure wordt hervat in de stand van voor de buiten-zittinguitspraak en het griffierecht wordt overgeboekt naar deze zaak. Een proceskostenveroordeling is niet opgelegd.
Uitkomst: Het verzet wordt gegrond verklaard en de procedure wordt hervat.