Uitspraak
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
5.De beslissing
spreekt verdachte vrijvan het tenlastegelegde feit;
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
De rechtbank Zeeland-West-Brabant behandelde op 30 november 2023 de zaak tegen verdachte die werd beschuldigd van bedreiging van zijn stiefvader. De officier van justitie stelde dat verdachte met een steen, asbak en bierflesje in een dreigende houding zijn stiefvader had bedreigd, gesteund op de aangifte en eigen verklaring van verdachte.
De verdediging ontkende de bedreiging en stelde dat de gebruikte woorden weliswaar boos waren, maar geen doodsbedreiging inhielden. Ook was er volgens de verdediging onvoldoende bewijs dat verdachte met voorwerpen had gedreigd of gegooid.
De rechtbank oordeelde dat alleen de aangifte een bedreiging met de dood vermeldde, maar dat verdachte dit ontkende en geen ander bewijs hiervoor was. De beledigende woorden werden niet als bedreiging gezien. Hoewel er scherven en kapotte voorwerpen in de tuin lagen, kon niet worden vastgesteld dat verdachte hiermee had gedreigd of gegooid. Het vasthouden van een bierflesje was onvoldoende voor een bewezenverklaring. Daarom sprak de rechtbank verdachte vrij van de tenlastegelegde bedreiging en hief het geschorste bevel tot voorlopige hechtenis op.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken van bedreiging wegens onvoldoende bewijs.