ECLI:NL:RBZWB:2023:7349
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Rekestprocedure
- Hamburger
- Haerkens-Wouters
- Jurkovich
- Rechtspraak.nl
Beëindiging ouderlijk gezag en benoeming voogd over drie minderjarigen in gezinshuizen
De Raad voor de Kinderbescherming verzocht de rechtbank om het ouderlijk gezag van de vader en moeder over drie minderjarigen te beëindigen en Stichting Jeugdbescherming Brabant als voogd te benoemen. De kinderen verblijven in verschillende gezinshuizen en hebben behoefte aan duidelijkheid over hun verblijfplaats. De ouders zijn gescheiden en kunnen gezamenlijk het ouderschap niet adequaat vormgeven.
Tijdens de mondelinge behandeling was de vader afwezig wegens werkverplichtingen, terwijl de moeder en vertegenwoordigers van de Raad en GI aanwezig waren. Eén van de minderjarigen maakte gebruik van de mogelijkheid haar mening te geven, waarbij zij haar wens uitsprak voor zekerheid over haar verblijf en het beëindigen van het gezag van haar ouders.
De rechtbank oordeelde dat voortzetting van het gezag niet in het belang van de kinderen is vanwege de onrust en stress die de jaarlijkse verlengingszittingen veroorzaken, en het ontbreken van haalbaarheid van thuisplaatsing. De voogdij wordt daarom aan de Stichting Jeugdbescherming Brabant toegewezen, die de kinderen in de gezinshuizen ondersteunt. De beschikking is uitvoerbaar bij voorraad en de kinderen worden schriftelijk geïnformeerd over de beslissing.
Uitkomst: Ouderlijk gezag beëindigd en Stichting Jeugdbescherming Brabant benoemd tot voogd over de drie minderjarigen.