Uitspraak
1.V.O.F. [eiser sub 1] ,
2.
[eiser sub 2],
3.
[eiser sub 3],
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
Eisende partij heeft voldoende bewijs geleverd dat zij een bedrag van €8.750,- heeft betaald aan de verkoper op basis van een gehalveerd boetebeding in de koopovereenkomst. De kantonrechter heeft vastgesteld dat dit bedrag correct is overgemaakt en erkent dit als schadevergoeding.
Tripolair heeft aangevoerd dat het bewijs voor een hoger bedrag van €9.590,48 niet is geleverd en dat zij zich beroept op verrekening en eigen schuld, maar deze verweren zijn te laat ingebracht en worden niet in de beslissing meegenomen.
De kantonrechter wijst de gevorderde notariskosten af en veroordeelt Tripolair tot betaling van het bedrag van €8.750,- met wettelijke rente vanaf 8 juni 2022 tot aan de dag van betaling. Daarnaast wordt Tripolair veroordeeld in de proceskosten van €1.602,18.
Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad en het meer of anders gevorderde wordt afgewezen.
Uitkomst: Tripolair wordt veroordeeld tot betaling van €8.750,- schadevergoeding met wettelijke rente en proceskosten.