Uitspraak
1.[gedaagde sub 1],
[gedaagde sub 2],
1.Het verloop van het geding
2.Het geschil en de beoordeling
€ 396,00
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
De gemeente Rotterdam heeft een saneringskrediet verstrekt aan gedaagden in het kader van gemeentelijke schuldhulpverlening. Gedaagden voldeden niet volledig aan hun betalingsverplichtingen, waarop de gemeente een terugvordering instelde van het openstaande bedrag plus rente en incassokosten.
Gedaagden zijn niet verschenen ondanks behoorlijke dagvaarding, waardoor verstek is verleend. De rechtbank beoordeelt dat het saneringskrediet valt onder de uitzondering van artikel 7:58 lid 2 BW Pro, waardoor de Wet op het consumentenkrediet niet van toepassing is.
De rechtbank wijst de vordering toe tot een bedrag van € 14.662,72, bestaande uit de openstaande hoofdsom en buitengerechtelijke incassokosten, en veroordeelt gedaagden hoofdelijk tot betaling van dit bedrag en de proceskosten. Het meerdere wordt afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing door eiseres.
Uitkomst: Gedaagden worden hoofdelijk veroordeeld tot betaling van € 14.662,72 plus rente en proceskosten.