Uitspraak
1.De procedure
- de aanvullende producties van WonenBreburg,
- de mondelinge behandeling van 14 juni 2023, waarvan door de griffier aantekeningen zijn gemaakt.
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
WonenBreburg vordert in kort geding de ontruiming van een woning die sinds 3 juli 2018 wordt gehuurd door [gedaagde01], vanwege ernstige overlast die door medebewoners en politie is gemeld. Ondanks inzet van hulpinstanties en waarschuwingen is de overlast niet verminderd en is het gedrag van de huurder verslechterd, met agressieve benadering en intimidatie van omwonenden en medewerkers.
De kantonrechter beoordeelt dat de overlast zo ernstig is dat de huurovereenkomst waarschijnlijk in een bodemprocedure zal worden ontbonden. De huurder ontkent de overlast, maar zijn gedrag tijdens de zitting en de overgelegde verklaringen maken dit niet aannemelijk. Er is geen verwachting dat op korte termijn verbetering zal optreden, mede omdat de huurder niet openstaat voor begeleiding.
Gezien het belang van de omwonenden en de ernst van de situatie weegt het belang van WonenBreburg zwaarder dan dat van de huurder. Daarom wordt de vordering tot ontruiming toegewezen met een ontruimingstermijn van één week na betekening van het vonnis. Daarnaast wordt de huurder veroordeeld in de proceskosten en nakosten.
Uitkomst: De huurder wordt veroordeeld tot ontruiming van de woning binnen één week na betekening van het vonnis wegens ernstige overlast.