ECLI:NL:RBZWB:2023:4416
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Proceskostenveroordeling wegens vertraagde beslissing op bezwaar PTSS-hulphond aanvraag
Verzoekster heeft beroep ingesteld omdat het college niet tijdig had beslist op haar bezwaar tegen de afwijzing van haar aanvraag voor een maatwerkvoorziening inzake een PTSS-hulphond op grond van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015.
Het college heeft uiteindelijk op 4 mei 2023 alsnog op het bezwaar beslist, waarna verzoekster het beroep introk en verzocht om vergoeding van de proceskosten.
De rechtbank oordeelt dat het college tegemoet is gekomen aan het beroep door alsnog te beslissen en dat het verzoek om proceskostenveroordeling gegrond is. De zaak wordt als licht beschouwd, waardoor de proceskosten worden vastgesteld op €418,50 voor de beroepsfase.
Daarnaast wijst de rechtbank erop dat het college verplicht is het betaalde griffierecht van €50,- te vergoeden.
De rechtbank veroordeelt het college tot betaling van de proceskosten aan verzoekster.
Uitkomst: Het college wordt veroordeeld tot betaling van €418,50 proceskosten aan verzoekster wegens het niet tijdig beslissen op bezwaar.