ECLI:NL:RBZWB:2023:4348
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening bij niet tijdig beslissen WIA-uitkering
Verzoeker heeft beroep ingesteld tegen het uitblijven van een beslissing op zijn bezwaar tegen de afwijzing van zijn WIA-uitkeringsaanvraag door het UWV. Tevens heeft hij een verzoek om een voorlopige voorziening ingediend om een tijdelijke oplossing te verkrijgen in afwachting van de hoofdprocedure.
De voorzieningenrechter overweegt dat een voorlopige voorziening alleen kan worden getroffen indien onverwijlde spoed vereist dat de uitkomst van de bodemprocedure niet kan worden afgewacht. Verzoeker heeft onvoldoende spoedeisend belang aangetoond, mede omdat hij reeds een procedure wegens niet tijdig beslissen is gestart om spoedig een beslissing te verkrijgen.
Ook blijkt uit de stukken niet dat verzoeker in een financiële noodsituatie verkeert door het uitblijven van een beslissing. Daarnaast heeft verzoeker niet toegelicht op welke punten hij de bevindingen van de primaire arts betwist en heeft hij geen medische stukken overgelegd om de onjuistheid daarvan aan te tonen.
De voorzieningenrechter wijst daarom het verzoek om voorlopige voorziening af en ziet geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling of vergoeding van griffierecht. De uitspraak is gedaan op 22 juni 2023 door mr. V.M. Schotanus, voorzieningenrechter.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening wordt afgewezen wegens gebrek aan spoedeisend belang.