Op 17 december 2021 was de aangeefster werkzaam als schoonmaakster in de woning van verdachte te [plaats01]. Tijdens haar werkzaamheden heeft verdachte haar zonder toestemming vastgepakt, op de wangen en mond gekust en haar borst betast. De aangeefster raakte hierdoor in paniek en verliet de woning al bellend.
De rechtbank baseerde haar oordeel op de aangifte, Whatsapp-berichten van het slachtoffer kort na het incident, de verklaring van een getuige en de gedeeltelijke bekentenis van verdachte. Ondanks enkele verschillen in details tussen de aangifte en het informatief gesprek, achtte de rechtbank de verklaring van het slachtoffer betrouwbaar, mede gezien de paniektoestand en het feit dat zij niet alles aan haar collega had durven vertellen uit schaamte.
Verdachte werd veroordeeld voor aanranding, waarbij de rechtbank oordeelde dat hij zijn eigen lustgevoelens boven het welzijn van het slachtoffer stelde en daarmee de lichamelijke integriteit van de aangeefster schond. Verdachte had geen strafblad. De rechtbank legde een taakstraf van 70 uur op, met een vervangende hechtenis van 35 dagen bij niet-naleving.
De rechtbank sprak verdachte vrij van andere ten laste gelegde feiten die niet bewezen konden worden, zoals het kussen op de mond en het betasten van de borst volgens de verdediging. De strafbaarheid werd niet betwist en er waren geen omstandigheden die deze uitsloten. Het vonnis werd uitgesproken op 31 mei 2023 door de meervoudige kamer van de Rechtbank Zeeland-West-Brabant te Breda.