Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Het verloop van het geding
2.De verdere beoordeling
“Het blijft voor mij als onderzoeker niet duidelijk of bovengenoemde mogelijke voorkeur voor mevrouw [eiseres in conventie] uiteindelijk ook heeft gezorgd voor de verandering van het testament door de heer [erflater] .”)is in het deskundigenrapport geen enkel antwoord gegeven, terwijl een nadere toelichting op dat punt, in het licht van de aan de deskundige voorgelegde vraagstelling, wel had mogen worden verwacht.
onder invloed vande op dat moment bij erflater aanwezige geestelijke stoornis heeft gemaakt (antwoord op vraag 3). De kantonrechter ziet daarin aanleiding om op grond van artikel 87 en Pro 194 lid 5 Rv een mondelinge behandeling te bevelen, opdat de deskundige in aanwezigheid van partijen mondeling een nadere toelichting zal kunnen geven en partijen de deskundige desgewenst ook zelf vragen kunnen stellen, voor zover dit vragen zijn die in direct verband staan met de vragen die in het tussenvonnis van 6 april 2022 aan de deskundige zijn voorgelegd.
3.De beslissing
uiterlijk op woensdag 14 juni 2023hun verhinderdata voor de maanden juli tot en met december 2023 op te geven en kenbaar te maken of zij een of meer getuigen en/of partijdeskundigen willen doen horen, onder opgave van de gegevens alsmede de verhinderdata van deze personen;
uiterlijk op woensdag 14 juni 2023zijn verhinderdata voor de maanden juli tot en met december 2023 op te geven;