Uitspraak
RECHTBANK ZEELAND-WEST-BRABANT
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De voorvragen
4.De beoordeling van het bewijs
5.De strafbaarheid
6.De strafoplegging
7.De benadeelde partij
8.Het beslag
9.De wettelijke voorschriften
10.De beslissing
spreekt verdachte vrijvan het (impliciet) primair ten laste gelegde feit;
poging tot doodslag;
een gevangenisstraf van 12 maanden;
terbeschikkingstellingvan verdachte en stelt daarbij als
voorwaarden:
dadelijk uitvoerbaaris;
[slachtoffer]van
€ 13.925,75, waarvan € 1.925,75 aan materiële schade en € 12.000,- aan immateriële schade, vermeerderd met de wettelijke rente, vanaf 3 augustus 2022 tot aan de dag der voldoening.
104 dagen gijzelingkan worden toegepast, met dien verstande dat toepassing van de gijzeling de betalingsverplichting niet opheft;