ECLI:NL:RBZWB:2023:2744
Rechtbank Zeeland-West-Brabant
- Bodemzaak
- Ebben
- Rechtspraak.nl
Afwijzing ontbinding en ontruiming bedrijfsruimte bij beperkte huurachterstand
De huurder heeft sinds februari 2023 een huurachterstand opgebouwd die tijdens de procedure is afgenomen tot minder dan drie maanden huur. De verhuurder vordert ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming van de bedrijfsruimte wegens deze huurachterstand en betalingsachterstanden.
De huurder erkent de huurachterstand en geeft aan dat deze is ontstaan door medische problemen en dat zij inmiddels hulp krijgt bij de bedrijfsvoering. Tevens is er een poging gedaan tot minnelijke regeling. De rechtbank overweegt dat hoewel sprake is van een tekortkoming door de huurachterstand, deze niet ernstig genoeg is om ontbinding en ontruiming te rechtvaardigen.
De huurachterstand is beperkt en de huurder heeft een reëel perspectief geboden om de achterstand op korte termijn af te lossen. De vordering tot ontbinding en ontruiming wordt daarom afgewezen. De huurder wordt veroordeeld tot betaling van de resterende huurachterstand, buitengerechtelijke kosten en proceskosten, met wettelijke rente.
De rechtbank benadrukt dat bij een nieuwe huurachterstand mogelijk anders zal worden geoordeeld. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad en de proceskosten worden aan de zijde van de verhuurder vastgesteld.
Uitkomst: De vordering tot ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming wordt afgewezen vanwege beperkte huurachterstand en perspectief op aflossing.